De huisarts
Voorbeeld: De huisarts helpt mensen met kleine gezondheidsproblemen.
Definitie
"De huisarts" is een medisch beroepsbeoefenaar die de eerstelijnszorg verleent en patiënten behandelt bij algemene gezondheidsproblemen. Hij of zij fungeert als het eerste aanspreekpunt bij ziekte, geeft advies, stelt diagnoses en verwijst indien nodig door naar specialisten.
Etymologie
Het woord "de huisarts" komt van het Nederlandse woord 'huis', dat verwijst naar het huis of de woning, en 'arts', wat dokter betekent. Oorspronkelijk was het een arts die in de buurt van iemands huis werkte of bij mensen thuis kwam. Interessant is dat het woord de nauwe relatie tussen de arts en de patiënt benadrukt, vaak binnen de vertrouwde omgeving van het huis.
Leer dit woord actief te gebruiken
"De huisarts" komt voor in de Vocaplus-lijst "Nederlands - Medische beroepen - (A1) - deel 1", met 101 veelgebruikte woorden.
Wil je deze uitdrukkingen niet alleen begrijpen, maar ook onthouden en actief gebruiken? Maak dan een gratis account aan en kies Nederlands als taal die je wilt leren.
Maak een gratis account aan
Virtuele tolk Spaans - Nederlands
Ben je op zoek naar een virtuele tolk Spaans - Nederlands?
Tom van Leeuwen. 30 jaar ervaring!