Sich ausweisen
Voorbeeld: Der Zeuge musste sich vor Gericht ausweisen, um seine Identität zu bestätigen.
Definitie
"Sich ausweisen" betekent het tonen of bewijzen van iemands identiteit, vooral in situaties waarin het noodzakelijk is om officieel bevestigd te worden, zoals bij een rechtbank of grenscontrole. Het woord verwijst naar het proces waarbij iemand zichzelf legitimeert door een identiteitsbewijs te laten zien.
Etymologie
Het werkwoord "sich ausweisen" komt uit het Duits en bestaat uit het wederkerende voornaamwoord "sich" en het werkwoord "ausweisen", wat letterlijk 'zichzelf aanwijzen' betekent. Het woord stamt af van het Middelhoogduitse 'usweisen', wat 'aantonen' of 'bewijzen' betekent. Wist je dat het gebruik van "sich ausweisen" vooral belangrijk werd in de context van de bureaucratische en juridische systemen van de 19e en 20e eeuw, toen officiële identificatie steeds belangrijker werd?
Leer dit woord actief te gebruiken
"Sich ausweisen" komt voor in de Vocaplus-lijst "Duits - Geschiedenis - (B2) - deel 1", met 210 veelgebruikte woorden.
Wil je deze uitdrukkingen niet alleen begrijpen, maar ook onthouden en actief gebruiken? Maak dan een gratis account aan en kies Duits als taal die je wilt leren.
Maak een gratis account aan
Virtuele tolk Spaans - Nederlands
Ben je op zoek naar een virtuele tolk Spaans - Nederlands?
Tom van Leeuwen. 30 jaar ervaring!