Vivir



Voorbeeld: Mis abuelos vivieron en una ciudad pequeña.

Definitie


"Vivir" betekent bestaan of leven, en verwijst naar het hebben van een levenservaring of het doorbrengen van tijd op een bepaalde plaats. Bijvoorbeeld: 'Mis abuelos vivieron en una ciudad pequeña' betekent dat mijn grootouders in een kleine stad hebben gewoond.

Vertalingen



Etymologie


Het werkwoord "vivir" komt van het Latijnse woord 'vivere', wat 'leven' betekent. Dit Latijnse woord is verwant aan 'vita', dat 'leven' of 'levenstijd' aanduidt. Interessant is dat veel Romaanse talen een variant van 'vivir' gebruiken voor het concept van leven.

Leer dit woord actief te gebruiken


"Vivir" komt voor in de Vocaplus-lijst "Spaans - Geschiedenis - (A1) - deel 1", met 208 veelgebruikte woorden.
Wil je deze uitdrukkingen niet alleen begrijpen, maar ook onthouden en actief gebruiken? Maak dan een gratis account aan en kies Spaans als taal die je wilt leren.

Maak een gratis account aan



Virtuele tolk Spaans - Nederlands


Ben je op zoek naar een virtuele tolk Spaans - Nederlands?

Tom van Leeuwen. 30 jaar ervaring!