Every day



Voorbeeld: He goes for a walk every day

Definitie


"Every day" is an adverbial phrase used to describe an action or event that happens routinely or on each day without exception. For example, in the sentence "He goes for a walk every day," it indicates the frequency of the activity as daily.

Etymologie


The phrase "every day" combines "every," meaning all or each one, from Old English 'ǣfre' meaning always or ever, and "day," from Old English 'dæg' referring to the period of light between sunrise and sunset. Together, they emphasize the occurrence of something on all individual days. Did you know? While "every day" means each day, its close look-alike "everyday" as one word is an adjective meaning common or normal.

Leer dit woord actief te gebruiken


"Every day" komt voor in de Vocaplus-lijst "Engels - Algemeen - (A1) - deel 3", met 104 veelgebruikte woorden.
Wil je deze uitdrukkingen niet alleen begrijpen, maar ook onthouden en actief gebruiken? Maak dan een gratis account aan en kies Engels als taal die je wilt leren.

Maak een gratis account aan



Virtuele tolk Spaans - Nederlands


Ben je op zoek naar een virtuele tolk Spaans - Nederlands?

Tom van Leeuwen. 30 jaar ervaring!