De hotelhal



Voorbeeld: De hotelhal was druk met gasten die incheckten en vertrokken.

Definitie


De "hotelhal" is de ruimte binnen een hotel waar gasten binnenkomen, inchecken en vaak wachten. Het is meestal een centrale plek die toegang geeft tot andere delen van het hotel, zoals de receptie, lounges en liften.

Etymologie


Het woord "hotelhal" is samengesteld uit twee delen: 'hotel', dat afkomstig is uit het Frans en een groot gebouw aanduidt waar mensen tijdelijk verblijven, en 'hal', een oud-Nederlands woord voor een grote open ruimte in een gebouw. Samen vormen ze een term die letterlijk de ontvangstruimte van een hotel aanduidt.

Leer dit woord actief te gebruiken


"De hotelhal" komt voor in de Vocaplus-lijst "Nederlands - Horeca - (A1-C2) - deel 1", met 109 veelgebruikte woorden.
Wil je deze uitdrukkingen niet alleen begrijpen, maar ook onthouden en actief gebruiken? Maak dan een gratis account aan en kies Nederlands als taal die je wilt leren.

Maak een gratis account aan



Virtuele tolk Spaans - Nederlands


Ben je op zoek naar een virtuele tolk Spaans - Nederlands?

Tom van Leeuwen. 30 jaar ervaring!