Sleutel
Voorbeeld: Zij heeft de sleutel voor het nieuwe appartement gevonden.
Definitie
"Sleutel" verwijst naar een klein voorwerp dat wordt gebruikt om sloten te openen of te sluiten, zoals in de zin 'Zij heeft de sleutel voor het nieuwe appartement gevonden.' Het woord kan ook figuurlijk gebruikt worden om iets essentieels of bepalends aan te duiden.
Etymologie
Het woord "sleutel" komt uit het Middelnederlandse woord 'slutel', dat zijn oorsprong vindt in het Oudnederlandse 'slūtlī', verwant aan het werkwoord 'sluiten'. Wist je dat de vorm en het gebruik van sleutels al duizenden jaren terug te vinden zijn in verschillende culturen?
Leer dit woord actief te gebruiken
"Sleutel" komt voor in de Vocaplus-lijst "Nederlands - Algemeen - (B2) - deel 2", met 111 veelgebruikte woorden.
Wil je deze uitdrukkingen niet alleen begrijpen, maar ook onthouden en actief gebruiken? Maak dan een gratis account aan en kies Nederlands als taal die je wilt leren.
Maak een gratis account aan
Virtuele tolk Spaans - Nederlands
Ben je op zoek naar een virtuele tolk Spaans - Nederlands?
Tom van Leeuwen. 30 jaar ervaring!