Passar
Voorbeeld: Eu vou passar na loja depois do trabalho hoje.
Definitie
"Passar" is een werkwoord dat betekent ergens doorheen gaan, langs iets komen of iets overdragen. Het kan ook betekenen dat iets gebeurt of zich voordoet, zoals in de zin 'Eu vou passar na loja depois do trabalho hoje' waarbij het gaat om ergens langsgaan of binnenlopen.
Etymologie
Het woord "passar" komt uit het Latijnse woord 'passare', wat 'stappen' of 'bewegen' betekent. Het is verwant aan het Franse 'passer' en het Italiaanse 'passare'. Wist je dat deze woorden allemaal verband houden met het idee van voortbewegen of ergens doorheen gaan?
Leer dit woord actief te gebruiken
"Passar" komt voor in de Vocaplus-lijst "Portugees - Algemeen - (A2) - deel 2", met 116 veelgebruikte woorden.
Wil je deze uitdrukkingen niet alleen begrijpen, maar ook onthouden en actief gebruiken? Maak dan een gratis account aan en kies Portugees als taal die je wilt leren.
Maak een gratis account aan
Virtuele tolk Spaans - Nederlands
Ben je op zoek naar een virtuele tolk Spaans - Nederlands?
Tom van Leeuwen. 30 jaar ervaring!