Wachsen
Voorbeeld: Die Pflanzen wachsen schnell im Frühling und Sommer.
Definitie
"Wachsen" betekent groeien of groter worden, vooral gebruikt om de toename van planten, mensen of andere levende wezens aan te duiden. In de zin 'Die Pflanzen wachsen schnell im Frühling und Sommer' verwijst "wachsen" naar het snel groter worden van planten tijdens het voorjaar en de zomer.
Etymologie
Het Duitse werkwoord "wachsen" komt uit het Oudhoogduits 'wahsan', dat verwant is aan het Engelse 'wax' in de betekenis van groeien of toenemen. Interessant is dat 'wax' in het Engels ook 'was' betekent, maar die betekenis is niet gerelateerd aan het Duitse 'wachsen'. De oorsprong van "wachsen" ligt in een oergermaanse wortel die groei en toename aanduidt.
Leer dit woord actief te gebruiken
"Wachsen" komt voor in de Vocaplus-lijst "Duits - Algemeen - (B1) - deel 1", met 119 veelgebruikte woorden.
Wil je deze uitdrukkingen niet alleen begrijpen, maar ook onthouden en actief gebruiken? Maak dan een gratis account aan en kies Duits als taal die je wilt leren.
Maak een gratis account aan
Virtuele tolk Spaans - Nederlands
Ben je op zoek naar een virtuele tolk Spaans - Nederlands?
Tom van Leeuwen. 30 jaar ervaring!