Der Gast
Voorbeeld: Der Gast hat das Hotelzimmer gestern gebucht.
Definitie
"Der Gast" verwijst naar een persoon die tijdelijk verblijft in een huis, hotel of een andere plek, vaak uitgenodigd of betalend. Bijvoorbeeld: 'Der Gast hat das Hotelzimmer gestern gebucht' betekent dat de gast gisteren een hotelkamer heeft gereserveerd.
Etymologie
Het woord "der Gast" komt van het Oudhoogduitse 'gast', wat verwant is aan het Oudengelse 'gæst' en het Latijnse 'hostis'. Interessant is dat het oorspronkelijke woord zowel 'gast' als 'vijand' kon betekenen, wat de complexe relatie tussen gastvrijheid en wantrouwen in vroegere tijden weerspiegelt.
Leer dit woord actief te gebruiken
"Der Gast" komt voor in de Vocaplus-lijst "Duits - Algemeen - (A2) - deel 1", met 125 veelgebruikte woorden.
Wil je deze uitdrukkingen niet alleen begrijpen, maar ook onthouden en actief gebruiken? Maak dan een gratis account aan en kies Duits als taal die je wilt leren.
Maak een gratis account aan
Virtuele tolk Spaans - Nederlands
Ben je op zoek naar een virtuele tolk Spaans - Nederlands?
Tom van Leeuwen. 30 jaar ervaring!